NATUURLEXICON


Aziatische Hoornaar

Vespa velutina nigrithorax


De Aziatische Hoornaar Vespa velutina nigrithorax is een wesp die oorspronkelijk afkomstig is uit Azië. Deze wesp werd reeds enkele keren gevonden in Vlaanderen. De soort liftte mee uit Azië op een lading Chinees aardewerk en vestigde zich in 2004 in Zuid-Frankrijk. In 2011 waren er al meldingen uit 49 departementen in Frankrijk. Van daar breidde ze zich geleidelijk in alle windrichtingen uit, zowel naar Portugal, Italië als België. De soort komt ook reeds in het Verenigd Koninkrijk en in Zwitserland voor.

De Aziatische Hoornaar is iets kleiner en veel donkerder gekleurd dan de Europese Hoornaar Vespa crabro. Het achterlijf draagt ook veel minder geel; het is zwart met een oranjegele vlek en smalle gele bandjes. Het borststuk is zwart. De poten zijn donker en licht gekleurd. De antennes zijn lang en zwart gekleurd.  

Deze hoornaar jaagt in groep op Honingbijen Apis mellifera voor de ingang van de bijenkasten. De soort is in staat om bijenvolken te decimeren. Eenmaal in de kast, steelt deze wesp het broed van de bijen. De Honingbijen zelf vertonen weinig verweer omdat ze aan deze soort nog niet zijn aangepast. Het typische verdedigingsgedrag (“balling”) vertonen de Honingbijen niet bij een aanval van de Aziatische Hoornaar.

Bij een klein aanbod aan Honingbijen, legt de wesp zich toe meer toe op wilde bestuivers.    

Een stichtende koningin die de winter heeft doorgemaakt bouwt een klein voorjaarsnest met een diameter van ongeveer 5 cm in spleten of dicht struikgewas. Dit nest is moeilijk te vinden en lijkt bovendien op het nest van inheemse sociale wespen. De eerste werksters van het zomernest zijn slechts 14 tot 16 mm groot. De koningin zelf is 20 tot 32 mm groot.  

De koningin kan vervolgens ook een zomernest stichten dat uiteindelijk kan bestaan uit 13.000 tot 15.000 werksters; een groter nest dus dan dit van onze inheemse Hoornaar Vespa crabro, dat slechts enkele honderden werksters omvat. De werksters van het zomernest zijn tegen de herfst 20 tot 32 mm groot -even groot als de koningin- doordat ze meer vetreserves hebben opgebouwd. Van deze werksters gaan er ongeveer 500 tot 1000 bevrucht overwinteren. Als ze de overwintering overleven beginnen ze een voorjaarsnest.     

Het zomernest kan een diameter bereiken van 30 tot 90 cm en bevindt zich vaak hoog in een boom. Het nest is moeilijk te vinden wanneer de bomen nog bladeren bezitten. Vaak wordt in dit geval met behulp van drones en warmtecamera’s naar het nest gezocht.   

Het voorjaarsnest en het zomernest kan zich overal bevinden, dus onder meer in stedelijke gebieden, landbouwgebieden, wetlands als bosgebieden.

De werksters vangen insecten (Honingbijen, zweefvliegen en andere sociale wespen) als voedsel voor de larven in het nest.

Na een Honingbij te hebben gevangen zoekt de wesp een beschutte plaats op, bijvoorbeeld tussen gebladerte, om er het gevangen insect te “demonteren”; met het eiwitrijke borststuk wordt vervolgens naar het nest gevlogen om het te voeren aan de larven.   

Zelf zoekt deze wesp voor de nodige koolhydraten boomwonden, bloemen (nectar) of rottend fruit op.   

In het najaar bestaat de kans dat de Aziatische Hoornaar op Klimop Hedera helix wordt gezien al zijn ook andere planten (Japanse Mispel, Trompetklimmer, Mahonia) in trek bij deze soort.  

De steek van deze wesp is bij de mens niet pijnlijker dan de steek van een Honingbij.

Het zal lastig worden om in de nabije toekomst te voorkomen dat de Aziatische Hoornaar vaste voet aan de grond krijgt in Vlaanderen. Het klimaat wordt met de voortschrijdende klimaatverandering steeds geschikter voor deze wesp.

De impact op de inheemse insecten lijkt niet groter dan deze van de Hoornaar; voor wat Honingbijen betreft is het mogelijk dat verzwakte bijenvolken door de aanvallen van de Aziatische Hoornaar nog verder kunnen verzwakken. Sterke bijenvolken kunnen de aanvallen opvangen, op voorwaarde dat er niet te veel hoornaarnesten in de omgeving liggen.  

Home