NATUURLEXICON


Torenvalk

Falco tinnunculus


De Torenvalk Falco tinnunculus is een dagroofvogel van zo’n 34 cm groot.  

Deze valk heeft spitse vleugels. Het mannetje heeft een roodbruine rug, een grijze kop en een grijze staart met zwarte band. Het vrouwtje is bruin met donkere vlekken en heeft een roestbruine staart.  

Deze valk is vaak “biddend” te zien in de lucht. Hierbij hangt hij stil in de lucht, tegen de wind in met de vleugels klapperend. Hij zakt steeds lager en stort zich plotseling op een prooi.  

De Torenvalk komt voor in open agrarische landschappen, moerasgebieden, duinen en ook in stedelijke gebieden in wegbermen, ruige en onbebouwde terreinen en parken.

Zijn voedsel bestaat vooral uit Veldmuizen Microtus arvalis, maar hij eet ook andere muizen en kleine vogels (jonge Spreeuwen, jonge mussen en jonge weidevogels). Goede en slechte muizenjaren werken door in het broedsucces en de populatieomvang. Hij jaagt vaak in kortgemaaide grasbermen langs autosnelwegen.

De vogel ziet ultraviolet licht. Muizen kunnen hun blaas slecht controleren en plassen voortdurend terwijl ze rondlopen. Ze gebruiken bij hun bewegingen ook vaak vaste “banen” in het veld. Omdat de urine van muizen ultraviolet licht weerkaatst, ziet de vogel waar de muizen recent actief waren.

Soms voedt hij zich ook met aas, dat hij toevallig aantreft in zijn leefgebied. Bij voedselschaarste vangt hij ook insecten.

Het nest is vaak een verlaten nest (vaak van Zwarte Kraai of Ekster). Soms broedt hij op kale rotsen, in holtes in gebouwen, in verlaten schuren en in halfopen nestkasten op hoge palen.

In april-mei legt het vrouwtje 5 tot 7 eieren. Het vrouwtje bebroedt de eieren.

De Torenvalk is een vrij algemene broedvogel. Als wintergast is deze vogel nog talrijker aanwezig.  

Home